Horen, zien en zwijgen.

Ik hoorde gisterenochtend iemand verklaren voor de gesloten deuren van het Brusselse justitiepaleis dat 'dit soort justitie niet werkt'. Als ze de deuren alleen openen voor advocaten en magistraten... Gewone burgers buiten laten staan, wegens een totaal ontbreken van middelen en personeel. Iedereen gelijk voor de wet? De bak van de maand. In sommige kringen vinden ze dit een ‘positieve evolutie’. Jaja…
Ik hoorde een bobo verklaren dat er teveel mensen werken bij de spoorwegen. Dat de mensen 'on the field' - degenen die dus écht werken - hun gepresteerde overuren niet eens gerecupereerd of uitbetaald krijgen, is een detail dat zo'n bobo nooit vermeldt. Hij heeft daar ook geen last van. Hij rijdt nooit met de trein. Hij telt zijn bonussen. Ik hoorde geen enkele bobo iets over 'teveel managers' zeggen. En natuurlijk, er is dan altijd wel iemand die iets over de vakbond moet zeggen. Raad aan de vakbond: laat de mensen een dag gratis rijden in plaats van te staken. Te weinig treinconducteurs roeren zich op de social media.
Ik hoorde iemand zeggen dat hij geloofde dat het grootste gevaar voor de mensheid de recentste ontwikkelingen was op het vlak van Artificial Intelligence. Slimme robots, zeg maar, met zelf lerende computers. En iemand die daarop antwoordde dat ze die dingen dan best waterdicht maken, want dat de zeespiegel waarschijnlijk twee meter hoger staat tegen de tijd dat zo’n robots min of meer echt functioneren.
Ik hoorde mensen elkaar na een gezamenlijke prestatie gemeend proficiat wensen. En nog terecht ook. Een goed-gevoel-moment.

Ik zag enkele dagen geleden hoe er een kleine politieke aardverschuiving plaatsvond in Spanje. Dat was eerder ook al gebeurd in Griekenland. Een oude regel: er beweegt pas iets als er teveel zijn die niks meer hebben. En dus ook niks meer te verliezen hebben. Zover is het hier helemaal nog niet. Inderdaad. Nòg niet.
Ik zag commentaren over het Eurovisiesongfestival, die de indruk gaven dat ze handelden over een wedstrijd waarvan de gevolgen van cruciaal belang waren, zowel voor de internationale verhoudingen, voor de voedselvoorziening van de mensheid als voor de aan een rotvaart op ons afkomende klimaatveranderingen. Weliswaar pas nadat eerst werd verklaard dat de deelnemers niet konden zingen. Iemand noemde het zelfs het Eurovisie Shit festival.
Ik zag (las) hoe je aan de privacycommissie kunt vragen om te controleren of de Staatsveiligheid een dossier over jou heeft. Na enkele maanden krijg je dan een bericht dat de commissie op jouw vraag is ingegaan, en een controle heeft uitgevoerd. Of ze ook iets heeft gevonden... màg de commissie je wettelijk niet meedelen. Woeha! Kafka, de oerBelg. Nog steeds.
Ik zag een reiger, twee aalscholvers, en een trits eenden met hun pasgeboren kindjes bij de vijver in het park. Twee meter hogere zeespiegel? Zal hun een zorg wezen...
Ik zag iemand met koorts - achtendertig graden en een half - een hoofdrol spelen in een toneelstuk. Weinigen hebben het gemerkt. Knap. Laten we alleen hopen dat de zeven andere acteurs tegen het einde van de week de koorts niet hebben geadopteerd. Gelukkig zijn ze robust genoeg.

Ik zwijg over al het afval dat ik op maandagochtend telkens in het park vind. Lege pakjes chips en sigaretten, blikjes allerhande, plastiek flessen, vodden en doekjes, papier in alle vormen en kleuren... En o wee als ik de mensen die elke zondag van het park komen genieten maar het als een stort achterlaten ook maar min of meer zou durven te omschrijven...
Ik zwijg over mijn vader, die er ondertussen al vijf jaar niet meer is. Vijf jààr? Beyond comprehension. Maar dat ik erover zwijg, betekent niks.
Ik zwijg over het gevoel van machteloosheid dat me steeds vaker overvalt.
An Inconvenient Truth. Age of Stupid. Zalig zijn de armen van geest.
Ik zwijg over de stilte waarmee het resultaat van twee jaar hard werken nu wordt geconfronteerd. Geen verrassing. Eerder een verassing. Roepen tegen de bierkaai.
A dying niche. Weer iets dat uitsterft.
Ik zwijg over de fijne ogenblikken van de voorbije week. Ik wil niemand jaloers maken.

Of those who say nothing, few are silent.
Thomas Neill