Algemeen

Gele melk

Mijn blogbijdrage van de maand mei 2017, Gele melk, vind je hier.

Over alternatieve feiten.

Mijn blogbijdrage van de maand april 2017, Over alternatieve feiten, vind je hier.

De media

Mijn blogbijdrage van de maand maart 2017, De media, vind je hier.

Over het nemen van beslissingen...

Mijn blogbijdrage van de maand februari 2017, Over het nemen van beslissingen… vind je hier.

De populairste slogan van 2016

Mijn blogbijdrage van de maand januari 2017, De populairste slogan van 2016. F*ck 2016, vind je hier.

Politieke correctheid.

Mijn blogbijdrage van de maand december 2016, Politieke correctheid, vind je hier.

Conflict

Mijn blogbijdrage van de maand november 2016, Conflict, vind je hier.

Meningen

Mijn blogbijdrage van de maand april 2016, Meningen, vind je HIER.

De Special One

Mijn blogbijdrage van de maand maart 2016, De Special one, vind je HIER.

Blog februari op De Perfecte Buren

Mijn blogbijdrage van de maand februari 2016, Existentieel dilemma, vind je HIER.

Recente blog op De Perfecte Buren.

Mijn blogbijdrage van de maand januari 2016, Goede voornemens, vind je HIER

Toiletvraagjes

Soms kom je wel eens ergens. En vaak hebben ze daar dan ook een toilet. En vaak moet je daar dan ook op een bepaald ogenblik gebruik van maken.
Niks menselijks is ons vreemd.
Niet iedereen richt z’n toilet op dezelfde manier in. De basics? Een zittoilet, of een gat in de grond. (Hebt u zich ook al eens afgevraagd of ze in de apparteménten in die zuiderse landen ook Franse toiletten hebben geïnstalleerd? Leuk voor de benedenburen.) Vaak, maar niet altijd, is er ook een soortement wasbak, met een handdoek en zeep. Een spiegel komt ook vaak voor, met een kam of borstel - hoewel het feit dat sommige mensen na het bezoek aan een toilet hun haar terug in de plooi moeten leggen bij mij wel vragen oproept over wat die mensen dan allemaal op dat toilet hebben… gedaan.
Maar vanaf dan gaan de details alle richtingen uit.
Vond ik mezelf toch terug in een toilet waar aan de muur een blad hing met bedenkingen,
quotes, en oneliners, waarvan ik er een behoorlijk aantal best wel leuk vond.
Waarom ze niet opschrijven, dacht ik.
Speciaal voor u. Et voilà.

-Als maisolie van mais wordt gemaakt, waarvan wordt babyolie dan gemaakt?
-Waarom moet je om een waarzegger te bezoeken een afspraak maken?
-Waarom worden mensen meteen geloofd als ze zeggen dat het heelal 400 biljoen sterren telt, maar als je ze vertelt dat de deurpost pas geverfd is, moeten ze voelen?
-Leven getrouwde mensen langer of vinden ze dat alleen maar?
-Is er een ander woord voor synoniem?
-Als een schizofreen persoon met zelfmoord dreigt, kan hij dan worden opgepakt voor gijzeling?
-Waarom loopt je neus, terwijl je voeten ruiken?
-Waarom heeft een tankstation dat elke dag en 24 uur per dag open is een slot op de deur?
-Hoe zet men de bordjes met ‘Niet op het gras lopen’ in de grasperken?
-Toen de mens ontdekte dat de melk van de koeien kwam, waarmee dacht hij dan dat hij bezig was?
-Als een woord verkeerd gespeld stond in een woordenboek, zouden we dat dan ooit te weten komen?
—Zwemt een eend met één poot in cirkeltjes?
-Waarom kan je geen ander woord maken met de letters van ‘anagram’?
-Waarom krimpen schapen niet als het regent?
-Waarom heeft Noah die twee muggen niet doodgemept?

I don't make jokes. I just watch the government and report the facts.
Will Rogers

Lentetafereel

Een schitterende lentedag. Overdadige zon, weinig wind, enthousiaste, gevleugelde bewoners van het park. Een eekhoorn doet zijn dagelijkse tocht door de bomen. Ergens blaft een hond.
Ik leun over de balustrade van ons terras op de tweede verdieping, koffie in de hand, en kijk naar het grasveld, dat vlakbij het gebouw begint en twintig meter verder eindigt bij de eerste struiken van het park. Zoals gewoonlijk lopen er wel wat katten rond. In de hoogste boom, een eik, zijn twee eksters al weken druk doende om een nest verder uit te bouwen. Ze vliegen af en aan, met takjes in de bek. Een paar weken geleden deed een koppel kraaien een poging om de woning over te nemen, maar de kleinere eksters begonnen prompt een venijnige oorlog. De kraaien dropen na enige tijd af.
Beneden op het gras zie ik hoe de zwart-wit gevlekte kat van de buurvrouw zich netjes in de zon heeft gepositioneerd. Het beest ligt er niet meteen aanvallensklaar bij, maar kijkt wel geïnteresseerd naar de voet van de boom, tien meter verder, ook al is daar niks aan de hand.
Onbeweeglijk.
En dan gebeurt het.
De twee eksters zien blijkbaar iets dat ik niet zie, of weten iets dat ik niet weet. Ze vinden de positie van de kat in elk geval niet grappig, en willen het beest daar weg. De manier waarop ze het de kat duidelijk proberen te maken, is ondubbelzinnig, maar tegelijk ook grappig, én wonderbaarlijk.
De twee eksters landen achter het nog steeds onbeweeglijke huisdier. Een van beide huppelt tot binnen het gezichtsveld van 'de rover', en komt dan met kleine stapjes uitdagend dichterbij.
De kat reageert... niet. Nu ja, ze werpt een blik op de vogel, maar meer ook niet. Daar kan ik mij niet mee bezighouden, lijkt ze te denken. (Of hij - dat kan ik van op mijn positie niet zien.)
De andere ekster is ondertussen stiekem tot bij de af en toe zwaaiende staart getrippeld. Na enkele aarzelende blikken valt ze ineens aan, pikt in de staart, die een ‘swipe’-beweging maakt, waarop de vogel zich een dertigtal centimeter terugtrekt.
De kat? Alleen haar staart beweegt - en dan nog op zo'n manier dat je heel sterk de indruk krijgt dat het om een volautomatische beweging gaat. Eerder een reflex dan een weloverwogen beslissing van de hersenen.
De ekster in het gezichtsveld wordt stoutmoediger, en springt nu tot binnen bereik van de klauwen van 'de rover'. Even ben ik ervan overtuigd dat de kat nu elk ogenblik vernietigend zal uithalen, maar niets daarvan. Het beest verroert gewoon geen... poot. Kijkt alleen maar. Slechts de staart beweegt. Af en toe.
De ekster in het gezichtsveld is het schijnbaar beu dat ze zo straal genegeerd wordt door het ‘roofdier’. Ze springt tot bij haar compagnon, en samen vallen ze nu de staart aan. Afwisselend pikken ze in de staart, die telkens een zwaaibeweging maakt.
Het duurt een hele tijd voor de kat uiteindelijk een onverhoedse beweging maakt in de richting van beide vogels, hoewel dat niet veel meer is dan een bruusk omdraaien van de kop. Een poot opheffen is er niet bij. De reactie drijft de eksters wel even achteruit, maar het ‘gebaar’ oogt als ingegeven door ergernis, eerder dan het gevolg van killerinstinct.
De eksters geven het niet op. Om beurten pikken ze in de zwaaiende staart, dagen de kat uit door vlak voor haar snuit een dansje op te voeren, terwijl ze er nog een hoop kwetterende decibels bovenop gooien. Het helpt allemaal niet. Meer dan af en toe een kleine beweging in de richting van de lawaaimakers gunt de kat hen niet.
Stoïcijnse Felix.
Tot mijn verbijstering druipen de eksters na enkele minuten af, zonder dat de kat ook maar een centimeter van plaats is veranderd.
Na enkele ogenblikken pikken de vogels een eindje verder verveeld in het gras. Ze negeren de kat.
Mislukking camoufleren met arrogantie - waar ken ik dat van?
De kat zelf kijkt wat rond. Ze is niet blind: ze heeft de soortgenoot die een eind verder verschijnt wel degelijk gezien. Die twee vogels? Ach…
De zon is aangenaam warm. Ik drink van mijn koffie.
Ook aangenaam warm.
Misschien is niet reageren als je uitgedaagd wordt wel niet zo dom...

I like pigs. Dogs look up to us. Cats look down on us. Pigs treat us as equals.
Winston Churchill

Toeval?

Ik zit aan een tafeltje, op het terrasje van een eetcafé. De zon schijnt en het is aangenaam warm. Vroege vooravond. Een fietser peddelt voorbij. Op het kanaal peddelt een eend voorbij. Op het terras is iemand aan z'n vijfde gin-tonic bezig. Het is er aan te zien.
Twee tafeltjes verder zit een al wat oudere dame. Ik schat ze vooraan in de zestig. Haar outfit is ideaal voor een geheim agent: zeer onopvallend. Zo onopvallend zelfs dat ik me nu niet eens meer kan herinneren wat ze droeg. Zò onopvallend dus.
Over een uurtje begint in het Schotense Vaarttheater een van de laatste repetities van 'Op eigen benen', een van mijn toneelstukken. Ik regisseer het zelf. Vermits ik te vroeg ben, heb ik tijd zat om hier eerst nog rustig iets te eten. Beetje genieten van de omgeving, kopje koffie, kijken naar de bomen die in subtiele gebarentaal elkaar boodschappen lijken te geven...
Ik heb net mijn bestelling gekregen. Stoofvlees met friet. (Ik schrijf bewust niet frietjès, om de voorzitter van het Genootschap Tegen Verkleinwoorden, Patrick van Gompel, niet voor het hoofd te stoten)
Op het ogenblik dat ik een friet aan mijn vork spies en die naar mijn mond brengt, daagt er ineens een man op. Middelbare leeftijd - wat dat ook moge betekenen. Oogt als een tuinman na z'n uren. Hij loopt op de vrouw af. Die lijkt dit aan te voelen, want als de man tot op een tiental meter van haar tafeltje genaderd is, draait ze zich om. Er verschijnt een grijns op haar gelaat.
"Hierzie. Dag, jongen."
De man produceert een abnormaal brede glimlach.
"Dag, ma!”
"Amai. Gij zijt zo goed gezind. Hebt ge de lotto gewonnen misschien?"
De man schudt het hoofd.
"Neen. Béter dan dat!"
"Hoe kan dat nu."
De man spreidt beide armen in een pauselijk gebaar.
"Yep. Ik ben verliefd."
De vrouw schudt het hoofd, en er verschijnen rimpels op haar voorhoofd.
"Het is niet waar, hé. Is het weer zo ver?"
Op dat ogenblik verslikte ik me. De vrouw keek me boos aan - ik vermoed omdat ze dacht dat ik haar uitlachte. Dat was echter helemaal niet het geval. De reden waarom ik me in de friet verslikte, was eenvoudigweg ongeloof.
Het gesprek tussen die twee mensen op dat terras is/was namelijk identiek aan een stuk dialoog uit een scène van mijn toneelstuk. Woordelijk hetzelfde. Alleen gaat het in mijn toneelstuk over een vàder en zijn zoon, in plaats van een moéder, maar verder... De woorden en de gebruikte intonatie van moeder en zoon waren een kopie. Onvoorstelbaar.
Ik kon mijn oren niet geloven. En als je op zo’n ogenblik een volwassen friet in je mond stopt, en tegelijk probeert om te lachen, je te verontschuldigen, en je ongeloof te uiten - dan besluiten je longen natuurlijk dat ze het wel effe hebben gehad. Niet helemaal onlogisch dat er dan ongelukken dreigen te gebeuren.
Toen ik uitgehoest was, heb ik even rondgekeken, half in de overtuiging dat iemand van het Vaarttheater mij een poets wilde bakken. Ik vond echter geen camera die me stiekem filmde.
Al zijn ze er wel toe in staat. :-) Zo'n vrolijke bende is het wel.
I like them. :-)
Op eigen benen. Tien voorstellingen in de maand mei 2015.
Reserveren op
http://www.vaarttheater.be

Life is a tragedy when seen in close-up, but a comedy in long-shot
Charlie Chaplin

Toneel

Over een tiental dagen gaan we in première.
Nu ja. We. Eigenlijk ze. De spelers. De acteurs. Want voor een regisseur is zo'n première toch net dat beetje anders. Je kan het nog het best vergelijken met een voetbaltrainer. Die kan oefenen en herhalen en uittekenen en verklaren zoveel hij wil, op het veld moeten de spelers het doen. Als trainer kan je nog iemand vervangen, maar meer ook niet. Je impact tijdens het spel is redelijk klein. Als regisseur heb je die mogelijkheid niet eens. Zodra de zaallichten doven, is het 'alle macht aan de acteurs'.
Het zijn de spelers die het moeten doen.
Spelers. Nog iets dat toneel en ploegsport met elkaar gemeen hebben: het element 'spelen'. Het is een spél. En spelen doe je in de eerste plaats om je te amuseren. Omdat je het grààg doet. Omdat het je een fijn gevoel geeft. We spelen allemààl graag. We zijn tenslotte niet voor niks afkomstig van de apen. Toch? Trainingen, repetities, moeten dus in de eerste plaats aangenaam en amusant zijn. Vermoeiend? Ja, natuurlijk. Uiteindelijk hebben de meeste amateurs een fulltime job, en nemen ze het repeteren 's avonds erbij. Maar tegelijk genereert zo'n repetitie ook vaak extra energie, zeker als het om een komedie gaat. Zelfs in die mate dat je na de repetitie nog wat tijd nodig hebt om 'af te winden'. Slapen lukt het eerste half uur vaak niet. Teveel adrenaline.
Er zit iets fundamenteel bevredigend in het als groep naar een gezamenlijk doel werken. Natuurlijk zijn we allemaal individualisten, en dat individualisme wordt door de multinationals via de media voortdurend benadrukt en gestimuleerd. Maar het sàmen een goede voorstelling spelen laat op de een of andere manier toch een 'dieper' gevoel van tevredenheid na. Iets dat appelleert aan een fundamentelere nood. ‘Samen’ zit òòk in onze genen. Het laat mooie herinneringen na, die je lang koestert.
Vraag acteurs maar eens naar hun anekdotes. Zodra ze beginnen te vertellen, stoppen ze niet meer.
Een komedie spelen is natuurlijk wel genadeloos. Het publiek lacht, of het lacht niet. Een toeschouwer die na twee uur ijzige stilte tegen een acteur zegt dat hij ‘zich rot heeft geamuseerd', is niet echt geloofwaardig. En je weet het nooit vooraf.
Maar: wij hebben ons tijdens de repetities wel goed geamuseerd. Fijne groep, ontspannen, elke repetitie telkens wel een moment waarop de lach de boel blokkeert... En dat zal het publiek ongetwijfeld voelen. Het speelplezier zal er zijn, daaraan twijfel ik geen seconde.
Natuurlijk is het op dit ogenblik spannend. De druk stijgt, want over een tiental dagen is het zover. Maar ik heb echt al goed gelachen.
Nu jullie nog. :-)

http://www.vaarttheater.be


The most difficult character in comedy is that of a fool, and he must be no simpleton who plays the part.
Miguel De Cervantes

Internet en vakantie

Het is een oefening die ik iedereen kan aanraden. Ga eens een weekje op vakantie naar een plek waar je niet kan beschikken over een internetverbinding. Niet alleen geen wifi. Neen. Géén internet. Dus: geen mail, geen Facebook, geen Twitter, geen YouTube, geen gesurf naar nieuwssites... Niks. Nada. Liefst zonder het vooraf te weten - al is dat moeilijk als je de oefening wil doen, natuurlijk :-)
Eerste reflex ter plaatste? Zou ik dan niet gewoon even met m'n smartphone surfen? Of snel een keertje m'n mail checken? Je weet maar nooit: misschien is er wel iets belangrijks binnen gekomen. En het kan toch geen kwaad?
Eén keertje?
Per dag?
Eéntje per dag, dat kan toch geen kwaad: klinkt dat niet een beetje als een afkickende verslaafde?
Internet rules the world. We kunnen niet meer zonder. Alles draait rond het world wide web. Natuurlijk wéten we het allemààl. Maar eraan verslaafd? Neen, hoor. Wij niet. De anderen misschien. De jeugd, bijvoorbeeld. Maar wij? Nope.
Al zou je toch wel graag vooraf hebben geweten dat er geen internetverbinding was in dit hotel.
Hoezo? Waarom? Zou je dan een ander hebben geboekt, misschien?
Tiens...
En toch...
Na een tweetal dagen zonder internet gebeurt er iets vreemds. Het lijkt ineens alsof je minder gestresseerd bent. Logisch, denk je eerst: het wegvallen van de spanningen is gewoon het gevolg van het feit dat je op vakantie bent. Ja, toch?
Tot het je begint te dagen.
Je bent op vakantie, je bent actief bezig, je brengt veel meer tijd door in de buitenlucht, én... je weet totaal niet meer wat er op je werk en in de rest van de wereld gebeurt. En je ontdekt ineens dat je je nu eenmaal geen zorgen kùnt maken over wat je niet weet.
Wat niet weet, niet deert. Exact.
Jamaar, als wereldburger moet je toch...
Wéreldburger? Grapje, zeker? De wereld begint in je eigen straat. En al dat gedoe over globalisering, dat is... gedoe. Levensgevaarlijk gedoe, dat wel. Een ander woord voor de 'wet van de jungle'. De grootste wint alles, en mag de kleintjes opeten, en als die reclameren, zullen de advocaten van de groten het wel oplossen. Maar met die wetenschap ben je niks. Het enige gevolg van de aandacht die je aan de actualiteit besteedt, is een hoger stressniveau.
Ongezònd hoger.
Geloof je het niet? Prima. Maar doe eens een keertje volgende oefening. Bekijk eens een week lang het tv-nieuws en de websites van de zenders, en noteer gewoon wanneer er iets voorbijkomt waar je je zorgen over maakt, en wat dat dan is. (Voorbeelden? De oorlog in Oekraïne, Groeiend aantal terreuraanslagen, grenzeloze hebzucht van superrijken - HSBC - schaamteloze beslissingen van politici, algemene verarming, smeltende pensioenen...) Als men je dagelijks 'op de hoogte houdt' van al die items, stimuleert men alleen maar de angst.
Wat als dàt de bedoeling is? Want bange mensen zijn makkelijker te manipuleren. Of is het echt enkel en alleen hebzucht?
Weet ik niet. Niemand wéét het echt. Maar gezonde achterdocht lijkt me een goede houding.
Conclusie, wat mij betreft?
Ga gewoon een keertje meer op vakantie naar plaatsen waar géén internet is. Goed voor de geestelijke gezondheid. Echt wel.

If you ever start to feel too good about yourself, they have this thing called the Internet, and you can find a lot of people there who don't like you.

Tina Fey

Happy 2015.

Gisterenavond, oudejaarsavond, overviel me plots de gedachte: waar is de tijd? Waar is dat ogenblik gebleven, waarop iedereen ‘angstig’ aftelde naar de komende IT-bom, en er aan de oudejaarstafel haast enkel over de milleniumbom werd gepraat. Misschien kunnen we morgen geen van allen nog benzine tanken, zegden we. Geen geld uit de muur halen, niet telefoneren, geen tv kijken, het licht niet meer aansteken… Sommigen deden er wat lacherig over, maar toch. Want de media hadden tenslotte moeite genoeg gedaan om ons bang te maken, en helemaal mislukt waren ze niet. Ze hadden toch 'specialisten' geraadpleegd, 'experts', 'kenners' die het allemaal kwamen beamen, professoren allerhande die vochten om aandacht en die elkaar allemaal kritiekloos nabauwden… Het vergaan van de wereld verkocht toen net zo goed als nu.
In retrospect? Een storm in een glas water, dat was het. In een jeneverglaasje. En een paar haaien, die grijnzend en met een volle beurs verdwenen in het grijze water.
Gisteren realiseerde ik me echter ineens… dat die milleniumhistorie al wel (14) 15! - dank je, Charles - jaar geleden is.
V
ijftien!
Vijf
tién!
Onwaarschijnlijk toch. De tijd lijkt alsmaar sneller te gaan. Ofwel worden we ouder. :-)
Gisterenavond dacht ik, na de confrontatie met de snelheid van de tijd, nog iets anders - al was ik dan waarschijnlijk al wat beneveld. Misschien gebruik je beter elke dag die je hebt, en zo volledig mogelijk. Geniet ervan, in de mate van het mogelijke, en laat het torsen van de zorgen van de wereld af en toe ook eens over aan Atlas. Laat de media rustig de ellende verder blijven aanprijzen en verkopen als zoete broodjes. Dat betekent toch nog niet dat ik die ook moet kòpen? Neen, toch?
Life is too short.
Vandaar: ik wens jullie allemaal een zo zorgeloos mogelijk jaar. Laat jullie niet bang maken! :-)

An optimist stays up to see the New Year in. A pessimist waits to make sure the old one leaves.

Bill Vaughan